Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
514
IW
De toon c. De tusschen eenen toon eu zijne octaaf liggende toonen
schaal, yoj-men eene toonschaal. Terwijl C eene dubbele trilling
voltooit, maakt de naastvolgende hoogere toon, de seconde,
D %, de terts, E , gelijk de volgende tabel toont:
Grondtoon. Seconde. Terts. Quart. Quint. Sexte. Septime. Octaaf.
C
1
D
%
E
F G
y, %
A
y3
H
C
2
1
Hieruit laat zich gemakkelijk het aantal trillingen voor iede-
ren toon berekenen. D maakt er y^ maal zoo veel als C; maar
daar de groote C door 64 dubbele trillingen voor de seconde
ontstaat, zoo maakt D ^ X 64. =■ 72 dubbele trillingen.
De octaaf van D echter moet 2 X 72 = 144 dubbele trillin-
gen volbrengen. De volgende zijn de trillingsgetallen voor de
kleine octaaf of de toonschaal, die met de kleine C als
haren laagsten toon begint.
c d e f g a h c
128 144 160 170y3l92 213>/.i240 256.
fïï



Deze trillingsgetallen geven de volkomen zuivere toonen in
den toonaard, die van C als grondtoon uitgaat. Daar het echter
vereischt wordt dat men ook in andere toonaarden kan spelen,
zoo moeten de toonen binnen eene octaaf gezamenlijk afwijkin-
gen van hunne oorspronkelijke trillingsgetallen ondergaan, die
zoo gering zijn, dat zij voor het oor niet merkbaar zijn. Zoo
moet, gelijk g de quint voor C is, ook a de quint voor den
grondtoon d zijn en % trillingen maken, tenvijl d eene trilling