Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
510
op eene tafel, clan hooren wij op het oogenbhlc, wanneer het
ligchaam met een deel van het tafelblad in aanraking komt,
een enkelvoudig geluid. Maar stooten wij tegen den kogel, zoo-
dat hij snel achtereen steeds andere deelen van het tafelblad doet
trillen en eene onregelmatige opvolging van enkelvoudige ge-
luiden verwekt, dan verneemt het oor een g e r u i s c h, dat wij
met den naam van rollen bestempelen.
Eene aanraking met de punt eener naald brengt een enkel-
voudig geluid, eene beweging van de punt op een ander voor-
werp een geruisch voort, dat wij krabben noemen; eene pun-
tige pen, die verschillende deelen van het papier snel na elkan-
der doet trillen, krast. Het knarsen der raderen of van
eene doos, wier deksel door omdraaijen geopend wordt; het
rammelen van vallende vensterruiten, waarbij nu dit dan dat
van hare deelen eene trilling ondergaat; het krijschen van
het porcelein, over welks ongelijke deelen de punt van een mes
heenglijdt, alsmede het ratelen van een wagen, die over de
oneiïenheden van den grond snel voortrijdt; het sissen der
zich plotseling uitzettende dampblazen, die bij het indompelen
van een heet ijzer in water ontstaan en tegen de waterdeeltjes
stooten; het bruisen van den tegen vaste ligchamen stooten-
den wind, vdens snelheid nu toe-, dan afneemt; het r u i s c h e n
der na ongelijke tusschentijden bewogene bladeren; het mur-
melen der beek en het plassen der bron; het rollen van
den donder of van een verwijderd gelederen vuur; dat alles zijn
voorbeelden van een geruisch of van een aanhoudend, onre-
gelmatig zamengesteld geluid.
280. Het regelmatig zamengesteld geluid of de toon.
Proef. Van dun, glad bordpapier of karton wordt eene
zamen- cirkelvormige schijf gesneden, die 15 tot 24 duim middellijn
»eliüd^ hebben. Den omtrek der schijf verdeele men in 24 gelijke
deelen, en ieder dezer deelen weder in 2 ongelijke stukken.
Daarbij worde steeds het eerste k 1 e i n e re stuk uitgesneden ,