Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
450
fransche omwenteling een schuldeloos offer der guillotine gewor-
den is, vulde groote glazen vaten met zuivere zuurstof en bragt
er diamanten in. In de door groote brandglazen voortgebragte
hitte verbrandden de diamanten met glanzend licht. Het bleek,
dat door hunne verbinding met zuurstof zich niets anders vormde
dan bij de verbranding van andere kolen (proef 233 b), name-
lijk koolzuur.
De kool- Tamelijk zuivere met een weinig ijzer verbondene kool is de
g^raphiet gr^iplii^t' het potlood, dat blaauwachtig zwarte mineraal,
waarvan onze potlooden gemaakt worden. Het bevindt zich in
den zuiversten en digtsten staat in Engeland, wordt met dunne
zagen tot reepjes gesneden, in de met lijm bestrekene groef van
het houtstaa^e gelegd, waar dan een dunner staafje over gelijmd
wordt.
Planten- De derde gedaante, in welke de kool nog minder zuiver voor-
lijke kool.komt, isde plantenkool; alle planten en dieren bestaan
gedeeltelijk uit kool, die met andere stoffen scheikundig verbon-
den is.
247. Bereiding der plantenkool.
Berei- Proef. Een stuk linnen wordt aangestoken, en zoodra de
ding der vlam helder opbrandt, met een ander stuk, dat men er op drukt,
^'koot" uitgebluscht. Van het uit eene plantaardige stof bestaande lin-
nen is tonder, kool, overgebleven. Door het uitdrukken is de
volkome verbranding verhinderd geworden.
Nemen wij met de tang een brandend stuk hout uit het vuur
en dompelen wij het in water, dan verhinderen wij insgelijks
het verdere verbranden. De plantenkool ontstaat door
eene onvolkomene verbranding. In het groot ver-
schaft men zich houtskolen door onvolkomene verbranding van
groote stapels hout. Men zet rondom een in den grond geslagen
paal groote stukken hout, plaatst op de onderste laag nog eene
of twee andere en bedekt den geheelen half bolvormigen hoop
hout met loof, zodeu of aarde. Tot het in brand steken laat men