Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
410
peren plaat PI ligt de metalen as van den daarvóór geplaatsten
ronden af brekingskrans S; deze is eveneens van geel koper; maar
zijn omtrek is in even zoo veel gelijke vakken gedeeld als de
letterring van den seintooner vakken telt, dus in 24 deelen,
welke om het andere met ivoor zijn ingelegd. Derhalve bestaat
de krans uit 12 stukken metaal en twaalf ingelegde stukken
ivoor in afwisselende volgorde; de laatste zijn in de teekening
door witte vakjes voorgesteld. Op den bovensten rand van den af-
brekingskrans drukt eene koperen schijf, de g e 1 e i d i n g s-
s c h ij f L, die telkens slechts een der vakken van den krans aan-
raakt en door middel van een metalen beugel met den geleid-
draad D, die naar het andere station voert, in metallieke ver-
binding staat. Daarentegen is de schijf door eene tusschenruimte,
de beugel door een plankje B, en de geleiddraad door een niet
geleidend overtreksel van de plaat van het onderstel PI geschei-
den; een galvanische stroom kan dus van deze plaat niet tot
hen overgaan. Aan de plaat is bij K de eene sluitdraad der
batterij geschroefd, de andere voert naar beneden tot eene in-
gegravene aardplaat. Eaakt nu de schijf, gelijk volgens de tee-
kening het gevalis, een ingelegd stukje ivoor, dan is
de stroom afgebroken; hij zou wel tot de plaat van het
onderstel en tot den af brekingskrans, die door zijne metalen as
geleidend met haar verbonden is, kunnen geraken, doch niet
verder; de plaats van afbreking ligt bij het ingelegd ivoor, tus-
schen den af brekingskrans en de geleidingsschijf. Draait men den
krans een vak verder, dan komt de geleidingsschijf met een
stuk metaal in aanraking; de stroom kan gaan en neemt
van K over de plaat van het onderstel, den af brekingskrans,
de geleidingsschijf, den metalen beugel en den geleiddraad zijnen
weg naar het andere station. Door eene geheele omdraaijing
der afbrekingsschijf wordt derhalve de geleiding bij afwisseling
12 maal daargesteld en even zoo dikwijls afgebroken.
Den af brekingskrans behoeft de telegrafist niet zelf te draaijen,
maar hij wordt door een raderwerk, dat door een gewigt