Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
359
Fig. 203.
GALVANISCHE LICHT- EN WARMTEVEßSCHIJNSELEN.
206 De galvanisclae vonk.
Proef. Eermen het kleine Grove-element of het van zink
of coke-poeder vervaardigde zink-kool element of het best
een Bunsen-element met de vloeistoöen vult en zamen-
stelt, schrape men de einden der sluitdraden met een mes zorg"
vuldig blank. Zoodra de draden aan de einden niet frisch
metalliek en met de gerin?-
n O
ste niet geleidende korst bedekt
zijn, kan de galvanische stroom
bij zijne geringe spanning niet
van den eenen draad naar den
anderen overgaan. Men legt de
einden der sluitdraden bij elk-
ander en schuift onder eenige
drukking het eene op de blanke
plaats van den anderen sluit-
draad heen en weder. Zoo dik-
wijls daarbij de eene draad over de kleine oneffenheden heen-
glijdt, beiden dus door eene zeer kleine tusschenruimte van elk-
ander gescheiden en de galvanische stroom afgebroken wordt,
verschijnt een uiterst kleine vonk van zeer levendig licht. —
Nog duidelijker en meer vonken neemt men waar, wanneer
men den eenen sluitdraad tegen de gladde plaats eener vijl
drukt en den anderen op de vijl heen en weêr schuift. Het ver-
schijnen der vonk kan men als een teeken beschouwen, dat de
keten in goede werkzaamheid is.
207. Het gloeijen van draden. Gloei-
Proef. Te gelijk met den poreuzen pot dien men toch van jende
een instmmentmaker moet koopen, late men zich een weinig
van het dunste, haarfijne platinadraad komen. Het eene einde
daarvan wordt om eene glanzend metallieke plaats van den eenen