Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
328
gen dat de geldstukken en het glasplaatje niet van hunne plaats
geraken, hetgeen deze proef tot een proefstuk van behendigheid
maakt. Om het verschuiven zoo veel mogelijk te voorkomen raakt
men het deksel en het stuk geld niet onmiddellijk met de hand
aan, maar met een stuk ijzerdi-aad of eene breinaald, die men
los in de hand houdt. Nadat men het opgegevene aantal von-
ken uit het stuk geld heeft getrokken, ligt men de schijf glas
op, verwijdert het stuk geld en wasemt tegen het glas. Aan bei-
de zijden zullen de ronde randen der muntstukken na het be-
wasemen duidelijk te voorschijn komen, eene werking, waarvan
wij hier liever geene nadere verklaring geven, dan eene halve
of valsche. Tot eene volledige verklaring toch is de ruimte hier
te beperkt.
189. Opwekking van warmte door electriciteit.
Dat door de electrische vonk warmte wordt opgewekt, laat zich
door de ontploffing van knalgas, een ligt ontbrandbaar lucht-
mengsel (§ 230) door middel der pistool van Volta aan-
toonen.
De electri- Proef. Men laat zich van sterk blik eene pijp vervaardi-
'"^tool'^" ^ '' ^ duim wijd en 6 a 10 duim lang, die aan het eene
einde gesloten is en aan het andere open blijft. Digt bij het ge-
sloten einde laat men de pijp op eene plaats doorboren en in
die opening een naauwer, 1 duim hoog, open pijpje solderen.
Bovendien hééft men een stukje ijzerdraad
Fig. 192. noodig van 4 duim lengte, aan welks eene
einde een metalen knop gesoldeerd wordt,
terwijl men het andere rond vijlt. Dan ne-
me men eene korte kurk, die zeer los in
het engere pijpje past, en doorboort die met
eene ronde vijl. Het ijzerdraad wordt verhit, met lak bekleed
en in de opening der kurk geschoven, welke door lak lucht-
digt gesloten moet worden. Daarop verhitte men boven de spiri-
tuslamp ook de engere pijp, bekleede ze inwendig rondom met