Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
286
bij onze proef onmiddellijk aan de hand, bij proef a van het
schijfje papier eerst aan den katoenen draad, en vervolgens aan
de hand mede; van de hand stroomt zij over het menschelijke
ligchaam naar den grond af.
Werking igo. Werking van een nietgeleider der electriciteit.
deruiet .
gelei- Bij de laatste genomene proeven hmgen schijljes papier aan een
ders. xijden draad, en zij behielden, als zij niet met de hand aan-
geraakt werden, de hun medegedeelde electriciteit. De electrici-
teit nam dus haren weg niet over den zijden draad; zij stroomde
niet over de zijde naar de hand; derhalve geleidt zijde de
electriciteit niet; zij is een nietgeleider.
Proef (7. De werking van een nietgeleider bij het aan-
nemen en bij het verliezen der electriciteit zal het tegengestelde
van die eens geleiders zijn. Wij leeren ze het gemakkelijkst aan
het lak kennen. Vooraf moeten wij ons intusschen zekerheid
Fig. 166. verschaffen, of lak ook werkelijk
tot de nietgeleiders behoort.
Wij kiezen eene nog in 't geheel
niet gewrevene pijp lak, of wij
raken eene reeds vroeger gewre-
vene overal met de vingers aan, om haar alle electriciteit te
ontnemen, en winde om haar eene einde een katoenen draad
met een rond stukje papier. Houden wij nu het andere einde
der pijp met de hand en deelen wj aan het papiertje door mid-
del van gewreven papier of door middel van eene tweede pijp
lak electriciteit mede, dan zal deze electriciteit zich van dit schijfje
over den draad verbreiden, en zou over de pijp lak tot aan de
vasthoudende hand geraken, indien het lak een geleider was;
het schijfje papier zou geene electriciteit behouden. Naderen
wij echter het papieren schijfje met het proefblaadje, dan
wordt dit laatste er door aangetrokken, hetgeen bewijst dat het
schijfje zijne electriciteit behouden heeft. Derhalve is lak een
nietgeleider.