Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
Fig. 5. en moet vast staan. Heeft men nu onderscheidene
stukken papier van eene gedaante naar verkiezing,
dan beproeve men ze zoodanig op de punt der speld
te leggen dat zij er op blijven liggen en niet vallen.
Bij een blad in octavo zal dit gemakkelijk geluk-
ken. Het papier is dan in een enkel punt onder-
steund ; zijne regter zijde houdt de linker, de naar den waarne-
mer gekeerde houdt die, welke van hem afgekeerd is, in even-
wigt.
• Op gelijke wijze laat zich in ieder vast ligchaam een punt
vinden, om hetwelk alle deelen des ligchaams
elkander in evenwigt houden. Dit punt heet het
zwaartepunt. De zwaartekracht kan het ligchaam niet be-
wegen, zoo lang het zwaartepunt ondersteund is. Schuift men
echter het op de punt der speld rustende papier naar ééne zijde,
dan houdt het op, op de punt te rusten; het zwaartepunt
is niet\neer ondersteund; de zijde, waarop het ligt,
heeft meer gewigtsdeelen, verkrijgt het overwigt, en het papier
vall.
5. De ligging van het zwaartepunt. Bij ligchamen
Lig. van regelmatige gedaante, die uit eene en de zelfde massa be-
va^'het ' gemakkelijk te bepalen waar het zwaarte-
zwaar-punt ligt. Bij eene regte lijn of zulke ligchamen, bij welke
tepunt.ijij voorkeur de lengte in aanmerking komt, zoo als bij een
draad, ligt het zwaartepunt in het midden hunner lengte. Brengt
men op de in proef 4 b gebruikte speldepunt eene cirkel-
vormige schijf papier of karton in evenwigt, dan zal
het punt, waarop zij rust, naauwkeurig in 't middelpunt van
den cirkel liggen. Stellen wij ons eene menigte even groote cir-
kelvormige schijven op elkander gelegd voor, zoodat steeds het
middelpunt der eene schijf loodregt boven het zwaartepunt der
voorgaande ligt, dan vonnen de schijven te zamen een cilinder
of rol; de regte lijn, die door hare zwaartepunten gaat, heet de