Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
321.
naauwkeurig in den hals eener flesch sluit. Giet men daarna
den trechter vol water, dan wordt daardoor de lucht, die zich
onder in den trechter bevindt, in de flesch gedrongen; de lucht
in de flesch is derhalve een weinig verdigt en laat niet toe
dat er water in de flesch loopt. Hare spankracht is wel is
waar slechts weinig verhoogd, maar de drukking van het water
is eveneens slechts gering; zij is daarom in staat die in even-
wigt te houden.
k^rklok' duikerklok.
Proef. Een bierglas worde in eene kom met water (of eene
reageerbuis in een bierglas) gedompeld, zoodat zijn stand lood-
regt en zijne opening beneden is. Wel maken het glas en de kom
communicerende vaten uit; maar toch staat het water in het glas
jPg lager dan in de kom , gelijk men nog
duidelijker ziet, wanneer men een stukje
kurk onder het glas brengt, dat op de
oppervlakte van het daarin ingedron-
gene water drijft. In het bierglas is
lucht, die door het indringende water
wordt zaamgedrukt, eene grootere span-
kracht verkrijgt en aan het verdere indringen van de vloeistof
weerstand biedt. Hoe diep men ook het glas moge indompelen,
steeds zal het bovenste gedeelte met lucht opgevuld en vrij van
water blijven.
Reeds aan de oude Grieken en Romeinen was het bekend,
dat duikers, die zich in een grooten ketel in de zee nederlieten,
langen tijd onder het water konden blijven. Ten tijde van kei-
zer Karei V baarden rondreizende Grieken groot opzien
door hunne wijze van duiken; in de tegenwoordigheid des kei-
zers lieten zij zich onder ruime koperen ketels met aangesto-
ken kaarsen in den Taag neder en kwamen na geruimen tijd
weder te voorschijn, zonder dat zij nat geworden of de kaar-
sen uitgegaan waren.