Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
321.
dan ook juist om die afvloeijing te bespoedigen, dat men de
schoepen niet naar het middelpunt van het rad, maar schui-
ner, of, zoo als men het noemt, druipend rigt. DE is eene
deur of klep in het kanaal, waardoor het opgebragte water moet
wegvloeijen. Deze opent zich naar buiten, en dus van zelve, zoo-
dra het scheprad eenig water heeft opgebragt; maar zij blijft
door de drukking van het buitenwater gesloten, als het rad stil-
staat, en belet dus het terug vloeijen van het; eens opgebragte
water.
79**. De vijzel en de tonmolen.
Proef. Men neme een glazen cilinder, van boven en van
onderen open, van omstreeks 20duimlangen 4 a 5 duim wijd.
Een glas, zoo als men dit op de argandsche branders van het
gaslicht gebruikt, is reeds goed genoeg. Daarbij late men door
den timmerman een rond stokje schaven van 1 duim middellijn
en omstreeks 5 duimen langer dan het glas. Dit stokje voor-
ziet men van eenen schroefdraad, op de volgende wijze. Meu
Fig. 99. c.
knipt met behulp van eenen passer uit stevig kaï'ton of dun
bordpapier een tiental schijQes van omstreeks 2 strepen klei-
nere middellijn dan de wijdte van het glas en met een gat juist
in het midden, zoodat zij over het stokje met een weinig speel-
ruimte kunnen geschoven worden. Deze schijfjes worden open-
gesneden langs eene lijn, die van eenig punt van den omtrek
juist naar het midden loopt, in dien toestand over het stokje