Boekgegevens
Titel: Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Serie: Van Druten & Bleekers goedkope bibliotheek voor alle standen, of verzameling van nuttige werken over allerlei vakken van wetenschap door de beste der hedendaagse schrijvers, [1e afd., serie 1], dl. 12-14
Auteur: Crüger, F.E.J.; Logeman, W.M.
Uitgave: Sneek: Van Druten & Bleeker, 1856-1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-61
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200029
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen, Natuurkunde: meetmethoden, meettechnieken en instrumentatie van de natuurkunde
Trefwoord: Natuurkunde, Experimentele natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grondbeginselen der natuurkunde, door de eenvoudigste proeven toegelicht
Vorige scan Volgende scanScanned page
159
tredende water eene ruimte te vullen iieeft, die lOmaal wijder
is, kan het den grooten zuiger slechts op het tiende der hoogte,
slechts een duim doen rijzen. Daar echter op hem 10 pond s^elegd
zijn, zoo heeft hij een arbeid van 0,01 x 10 = 0,1 kilogram-
meter volbragt, gelijk de kleinere zuiger. De werking, aan de
kleinste van twee communicerende waterkolommen besteed ,
wordt derhalve door de drupvormige vloeistof zoodanig veran-
derd, dat de grootere waterkolom met verlies aan
den doorloopen weg een grooteren last optilt.
Haar zuiger oefent opwaarts eene drukking van 10 pond en be-
weegt zich door eene ruimte van 1 duim. Is nu de engere buis
een palm hoog, en is haar zuiger een palm benedenwaarts be-
wogen , dan heeft de kleinere waterkolom haren arbeid volkomen
volbragt, en is tot geene verdere werking meer in staat, omdat
bij het voortleiden der beweging zij zelve voortgeleid is. Om een
arbeid van 1 kilogrammeter te volbrengen, zou men de engere
buis 10 maal moeten vullen, hetgeen door eene kleine pomp zou
kunnen geschieden. Terwijl men zoo allengs 12 kleinere water-
kolommen met de kracht van een pond benedenwaarts beweegt,
wordt de op den grooteren zuiger rustende last in 10 tusschen-
poozen telkenmale 1 duim opgeheven. Daarop berust de hy-
drostatische pers.
De hydrostatische pers, die naar haren uitvinder ook deHydrosta-
pers van Bramah of de waterpers genaamd wordt, bestaat uit
twee van zuigers voorziene communicerende buizen, van welke de
engste eene perspomp vormt (§ 122). Volgens de teekening be-
vindt zich de perspomp aan de regter zijde; de stang van ha-
ren zuiger no. 1 wordt door middel van een hefboom open
neêr bewogen, die om het punt no. 2 draait en aan het eind
regts een handvat heeft. Onder aan den bodem der perspomp is
eene van sterk leder of van metaal gemaakte klep, een zooge-
naamd ventiel no. 3 aangebragt, die zich om een punt ter
linker zijde kan draaijen en zich naar boven openen. Wordt de
zuiger der perspomp opgetrokken, dan dringt het water uit den