Boekgegevens
Titel: De plantkunde: voor zelfstandige oefening of ten gebruike bij het middelbaar en tot voorbereiding voor het hooger onderwijs
Auteur: Coster, D.J.
Uitgave: Amsterdam: C.L. Brinkman, 1864 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1046 E 14
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200028
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De plantkunde: voor zelfstandige oefening of ten gebruike bij het middelbaar en tot voorbereiding voor het hooger onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
V.
VOOR WELKE UITBREIDING DE GRONDSLAG
VAN DEN BOUW DER PLANTEN VATBAAR IS.
Ééncellige planten (gelijk er onder wieren en zwammen
voorkomen) zijn er betrekkelijk slechts weinig; alle ove-
rige gewassen bestaan uit meer dan ée'ne cel. Hetzelfde
geldt van ééncellige plantendeelen; zoo men namelijk de
hiertoe behoorende (zoo als sporen, stuifmeelkorrels, enz.)
uitzondert, zijn alle andere deelen, waaruit de planten be-
staan (wortels, stengels, bladen, bloemen, enz.) uit meerdere
cellen zamengesteld. Toen hierboven (bl. 62.) o. a. over de
wijzen, waarop nieuwe cellen kunnen gevormd worden, ge-
handeld werd, en dus daarmede tevens de wijzen, waarop
cellen zich kunnen vermeerderen, beschreven zijn, kan het
uwe aandacht niet zijn ontgaan, dat de algemeene grond-
slag, waarop het maaksel der gewassen berust, voor uit-
breiding vatbaar is. Zoo als u nog later blijken zal, is
de oorspronkelijke aanleg voor elke plant slechts eene en-
kele cel, en nu hangen de gedaante en andere eigenaai-digheden
der toekomstige plant voornamelijk af van de wijze, waarop
zich die cel tot meerdere uitbreiden zal. Wanneer wij, om
ons b. v. alleen tot den vorm te bepalen, overwegen, dat
de celvermeerdering óf alleen in regtlijnige rigting, óf daarbij
ook in de breedte, óf eindelijk nog bovendien in de hoogte
of dikte geschieden kan, en dat dit ten gevolge zal hebben,
dat het deel uit die cellen zamengesteld, of draadvormig, of