Boekgegevens
Titel: De plantkunde: voor zelfstandige oefening of ten gebruike bij het middelbaar en tot voorbereiding voor het hooger onderwijs
Auteur: Coster, D.J.
Uitgave: Amsterdam: C.L. Brinkman, 1864 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1046 E 14
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200028
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De plantkunde: voor zelfstandige oefening of ten gebruike bij het middelbaar en tot voorbereiding voor het hooger onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
407
datgene dient te omvatten, wat tot de onderseheidings-ken-
raerken en rangschikking der thans niet meer levend bestaande
gewassen behoort. Met andere woorden, zij breidt zich ook
uit tot dat gedeelte der
Verspreidingsleer,
hetwelk men meer in 't bijzonder
de plan ten-geschiedenis
genoemd heeft. — Evenmin namelijk als het mogelijk is,
juiste begrippen te verkrijgen van de zamenstelling dezer
aarde, door alléén den toestand van de thans voor ons
uitgespreid liggende oppervlakte der aardkorst te onder-
zoeken, evenmin als daardoor hare
wording, d. i. hare trapsgewijze ver-
andering tot op den staat, waarin
zij zich nu bevindt, kan duidelijk
worden, evenmin eindelijk als ons
daardoor een overzigt wordt verschaft
van al het met haar voorgevallene
tot op den tijd, waarin het den
eersten mensch en tot op onze dagen,
waarin het ons gegund is bewoners van den aardbol te mogen
zijn, — even onmogelijk is het ook, tot eene heldere voorstelling
te geraken van de wijze, waarop het thans dien aardbol om-
gordende plantenklecd ontstaan, aaneengehccht en over de
verschillende aardstreken uitgespreid is, wanneer alleen het
oog gevestigd blijft op den toestand, waarin zich de thans
levende planten aan ons vertoonen. Mag men het einddoel
der plantkundige studiën het ontwerpen van een goed natuur-
lijk stelsel blijven noemen (z. b. bl. 236), dan moet ook in
de stelselleer worden opgenomen al wat er, ten behoeve der
rangschikking, merkwaardigs aan het licht gekomen is aan-
472. Een stukje van den «tam van Calamiies Tariam, tot de familie der Paarde-
«taartlgen behoorende; — het geslacht CalamUes is voornamelijk in de overgangs-
formatie gevonden.