Boekgegevens
Titel: De plantkunde: voor zelfstandige oefening of ten gebruike bij het middelbaar en tot voorbereiding voor het hooger onderwijs
Auteur: Coster, D.J.
Uitgave: Amsterdam: C.L. Brinkman, 1864 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1046 E 14
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200028
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De plantkunde: voor zelfstandige oefening of ten gebruike bij het middelbaar en tot voorbereiding voor het hooger onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
399
gedeelte der plantkunde, des noods zonder eigen onderzoek,
door hen, die daartoe namelijk niet in de gelegenheid zijn,
zóó goed begrepen wordt, dat zij tot de studie der bijzondere
plantkunde zouden kunnen overgaan. Deze laatste is echter
onmogelijk, zonder dat men zich van het meerendeel der
daarbij ter sprake komende planten of'plantengroepen door eige-
ne aanschouwing kennis verwerft. — Eene schets der plantkunde,
ontworpen, om aan zelfstandig studerenden of aan deelne-
menden in middelbaar onderwijs, afgezien van eenig bepaald
onderdeel hiervan, of aan hen, die zich tot hooger onderwijs
willen voorbereiden, een overzigt te leveren van hetgeen in
den tegenwoordigen tijd bij de plantkundigen als de aard,
de omvang en het doel der plantkunde geldt, behoeft en
vermag derhalve ook niet verder te gaan dan de korte op-
gave van wat men elders onder »bijzondere plantkunde" be-
handeld zal vinden. Hiertoe behoort in de eerste plaats:
De beschrijvingsleer.
Hieronder wordt verstaan de kennis van hetgeen er ver-
eischt wordt, om de aan eene plant eigene kenmerken zóó
in woorden uit te drukken, dat daardoor een zoo getrouw
mogelijk beeld van die plant voor den deskundigen lezer
geleverd wordt. Dit geschiedt namelijk naar zekere regels,
terwijl de uitvoerigheid der beschrijving kan afhangen zoowel
van hetgeen te beschrijven valt, als ook van den kring der
lezers, waarvoor de beschrijving bestemd is. Daarbij kunnen
dus O. a. worden opgenomen de naam van de plant en van
den eersten beschrijver (meestal verkort O), de overige, soms
aan dezelfde plant gegevene namen, de opgave der kenmer-
ken zelve, de van de plant bestaande afbeeldingen, de gelij-
kenis (') verwantschap") met of het verschil van andere ge-
wassen, de groeiplaatsen, de bloeitijd, do duur van het be-
staan (t), enz.; — voor meer bepaalde praktische oogmerken
(*) Zoo beteekent b. v. l. achter een* plantennaam linn^üS ; dbc.j db can-
do llbhook.: hooker; ju8s.; db jus81bu enz., ter aanduiding van den persoon,
welke eene plant het eerst onder dien naam beschreven hebben.
(+) Aldus b. v. aangeduid; Q ^oor éénjarig; © of (/ voor tweejarig; ^ voor meer-
jarig; 5 voor struik; voor boom; enz.