Boekgegevens
Titel: De plantkunde: voor zelfstandige oefening of ten gebruike bij het middelbaar en tot voorbereiding voor het hooger onderwijs
Auteur: Coster, D.J.
Uitgave: Amsterdam: C.L. Brinkman, 1864 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1046 E 14
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200028
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De plantkunde: voor zelfstandige oefening of ten gebruike bij het middelbaar en tot voorbereiding voor het hooger onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
365
of takken uitstrekt, door de snelste beweging onderscheiden
en daardoor het meest in 't oog loopend. Nu zijn er, die
aannemen, dat, met name bij tweczaadlobbigen, voortdurend
een sapstroom opklimt door de jongst gevormde houtlagen
(splint) van stam en takken, en in jeugdigen toestand ook
door het merg, welke zich alsdan in de bladeren zou ver-
spreiden cn zich, na in dezen veranderd (geassimileerd) te zijn,
weder door het schorsgedeelte naar de wortels begeven zou
als een nederdalende stroom, waarvan een gedeelte op dien
weg door de mergstralen naar het hout terugkeert. Eene an-
dere meer waarschijnlijke voorstelling is, dat zich door
het teeltweefsel der jongere vaatbundels van uit de wortels tot
in de stammen, takken, bladeren, enz. opklimmende stroom
beweegt, welke ook door de tevens hierdoor gevormde hout-,
vaat- en bastcellcii, in haren zeer jeugdigen toestand, zou
heentrekken; dat tegelijk in den omtrek van den mergkoker
en onder de opperhuid ook sap opklimt en dat daarentegen
een nederdalende stroom door het schors- en mergparenchym
heentrekt. In dwarse rigting wordt daarbij eene sapverbinding
tusschen merg en oorspronkelijke schors door de groote merg-
stralen onderhouden, terwijl dit in de kleine mergstralen ge-
schiedt tusschen het hout en de later gevormde schors (bast).
Voorshands is het echter nog zeer gewaagd, voor alle plan-
ten en plantendeelen en onder allerlei omstandigheden gelijk-
heid in de rigtingen der sapbeweging aan te nemen.
Waardoor wordt de verspreiding der voeding-
stoffen in de planten onderhouden en bevorderd?
Regtstreeks door het verschil in digtheid en scheikundigen
aard van den inhoud der aan elkander grenzende cellen (osmose);
ten andere kan misschien voor een gedeelte soms daartoe
bijdragen de betrekkelijk drooge toestand van de wanden
of van den bijzonderen inhoud der cellen, welke, na met het
daarheen stroomende water doortrokken te zijn, hunnen gewonen
staat van vochtigheid, omvang en onderlinge spanning kun-
nen bereiken (hygroscopiciteit); eindelijk kan hier of daar
in lange en zeer naauwe cellen ook zekere aantrekkingskracht
(capillariteit) daartoe medewerken. Zijn nu de cellen eens
gevuld, dan wordt de sapbeweging verder onderhouden en
bevorderd eerstens door de verandering van den inhoud der