Boekgegevens
Titel: De plantkunde: voor zelfstandige oefening of ten gebruike bij het middelbaar en tot voorbereiding voor het hooger onderwijs
Auteur: Coster, D.J.
Uitgave: Amsterdam: C.L. Brinkman, 1864 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1046 E 14
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200028
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De plantkunde: voor zelfstandige oefening of ten gebruike bij het middelbaar en tot voorbereiding voor het hooger onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
•160
scliorsgedeelten, waardoor de stammen eene ruwe, gescheurde
oppervlakte verkrijgen. De zamenstelling dezer korsten kan
zeer verschillen, voornamelijk daardoor, dat ook kurkweefsel
in de later gevormde schors kan ontstaan, en mitsdien zal
men er, bij mikroskopisch onderzoek, zoowel de bestanddeelen
der oorspronkelijke schors als die der bastlagen in kunnen
aantreffen; in haar uitwendig voorkomen heeft de korst echter
veel overeenkomst met gewone kurk. Van het al of niet
diep indringen van het kurkweefsel in de schors hangt het
af, of de korsten (zoo als bij den plataan '*), enz.) telkens
schub- of plaatvormig worden afgestooten, dan wel of de
boomen hunne diep gescheurde korst behouden, zonder die
te verliezen (zoo als de populieren W, de wilgen de el-
zen enz.).
Hoewel zich alzoo de uitwendige oppervlakte der meeste
stammen door een kortstondig en vergankelijk bestaan ken-
merkt, wordt zij juist daardoor de wieg voor een nieuw leven.
Zoodra warmte en vochtigheid in die buitenste lagen een
ontbindingsproces hebben opgewekt, vormen zich daardoor
geschikte plekken tot ontwikkeling van plantaardige sporen
en dierlijke eitjes. Allerlei loof- en korstmossen tieren welig
op zulk eenen bodem; nevens dezen vinden verschillende pa-
rasietische diervormen in de rottende schors hun voedsel, en
zoo ontstaat er weldra een rijkdom in gestalten en een veel-
talligheid in verschijnselen, tot wier navorsching en verkla-
ring zich de natuur-onderzoeker op nieuw een onbegrensd
veld geopend ziet.
(•) Platanus occidentólis +) Pópulus, (?) Salix. (") Alnus glutinósa.