Boekgegevens
Titel: De plantkunde: voor zelfstandige oefening of ten gebruike bij het middelbaar en tot voorbereiding voor het hooger onderwijs
Auteur: Coster, D.J.
Uitgave: Amsterdam: C.L. Brinkman, 1864 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1046 E 14
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200028
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De plantkunde: voor zelfstandige oefening of ten gebruike bij het middelbaar en tot voorbereiding voor het hooger onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
155
(zoowel van den verdikklngring als van de vaatbundels) ne-
men deel aan de vorming van den bast. Naarmate het hout
voortgroeit en de stam dus dikker wordt, verwijderen zich
beide teeltweefsels steeds van het middelpunt van den
stam in meer buitenwaartsche rigting. Vrij algemeen neemt
men aan, dat zich na de allereerst gevormde vaatbundels
geene nieuwe zelfstandig ontwikkelen, maar dat, door bemid-
deling van den verdikkingsring en ten gevolge van zijdeling-
sche splitsing der eens bestaande vaatbundels, deze in staat
gesteld worden zich te verlen-
gen, te verdikken en vertak-
kingen te vormen, bestemd om
in knoppen en bladeren in te
treden.
^ Men is er sedert eenigen tijd
in geslaagd, een vrij naauw
verband tusschen het vaatbun-
delverloop in de stammen en
takken en de plaatsing van dc
daarop bevestigde bladeren aan
te wijzen.
191 VdatbüDäelverloopiDlweezaaÄigastaninieQ. ^^^ ^^^^^ ^^^^^^^
van de regelmatige houtvormingen. Er komen hiervan echter
verschillende afwijkingen voor, met name bij stammen, behoo-
rende tot bepaalde groepen van gCAvassen (*). De oorzaken
dezer onregelmatige houtvormingen zijn nog niet voor alle
gevallen even naauwkeurig onderzocht. Er kunnen daartoe
allerlei splitsingen van het hout zeiven, met name door merg-
stralen, aanleiding geven; bovendien dragen er somtijds woe-
keringen (d. i. vermeerderde groei op ongewone plaatsen)
van het bastgedeelte toe bij.
Het scliorsgedeelte der stammen biedt in zijne zamen-
stelling bij de verschillende boomsoorten nog meer verschei-
denheid aan dan het hout. Om zich daarvan een algemeen
overzigt te vormen, is het noodig, dat men het oorspron-
191. Schematische voorstellingen, waarvan de eerste (a) met name dient, om het
intreden van vaatbundels in knoppen of bladeren toe te lichten; de laatste {h), om
het verband der vaatbundels onderling duidelijk te maken.
(•) Zoo by verschillende Bignoniaceën, Sapindaceën, Menispermeën, bij stamvor-
mende slingerplanten in de keerkringsstreken (lianen genaamd), enz.