Boekgegevens
Titel: De lustige jager, zingende vele vrolijke liederen, voor alle lieve meisjes, die met hem ter jagt willen gaan
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Amsterdam: bij G. van der Linden, ca. 1820 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 2497 F 34
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200015
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Liederen (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De lustige jager, zingende vele vrolijke liederen, voor alle lieve meisjes, die met hem ter jagt willen gaan
Vorige scan Volgende scanScanned page
§ "De lustige Jager.
Hij schoot zoo vreesselijk,
De wreede Turksche moord,
Wij moesten op de wijk.
De mast raakt buiten boord,
Wij -wisten geenen weg,
Waar wij ons zouden wenden,
W ij raakten in verdriet,
En nog tot groote ellende.
^^ij dreven door de wind.
Op Gods genade heen,
O schrikkelijk ellend!
Al was mijn hart van steenj
Van ijzer ot metaal
Zoo zou het moeten schreijen,
Wanneer ik u verhaal,
Onz' aller druk en lijden.
Door een zeer groote wind,
Zoo is ons schip gestrand.
En dat op een eiland,
U at men daar leggen vond:
Genaamd de Sint del,
Zoo is het eiland geheeten,
Men zuchtte overal,
En vond er niets te eten.
Zeventien "weken wilt verstaan |
In deze droefheid groot.
Men had geen spijs of drank,
En daarbij ook geen brood;
Men was met droefheid belato,^
Men zucht zoo menigwerven.
Wij raken hier niet van daan,
Hier moeten wij allen sterven.
De schipper zeer bedroefd,
Die sprak tot ons vermaak,