Boekgegevens
Titel: De lustige jager, zingende vele vrolijke liederen, voor alle lieve meisjes, die met hem ter jagt willen gaan
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Amsterdam: bij G. van der Linden, ca. 1820 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 2497 F 34
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200015
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Liederen (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De lustige jager, zingende vele vrolijke liederen, voor alle lieve meisjes, die met hem ter jagt willen gaan
Vorige scan Volgende scanScanned page
De lustige Jager.
Wel op mij zag nederdalen;
Als ik £a.g dat zoete lam,
Mij pacht dat ik in den hemel, enz.
Ik dacht dat mij de minnegoön,
Door Venus lust werd aangehoon.
En ik voelde aan haar knieën,
't Meisje liet het al geschien
Toen ik nog wat hooger kwam.
Raad eens wat ik daar vernam;
't Zoete spel van de minne,
't Meisje liet mij komen binnen.
Zij zweeg zoo stil gelijk een lam,
Mij dacht dat 'k in den hemel, enz.
Dat Cupido met zijné schicht.
Mijn jong hartje had verlicht.
Als ik zag haar borstjes schoone,
Die zoo heerlijk stond ten toone.
Hare zoete roode mond,
Die heett mijn jong hart doorwond.
En pok haar koralen lipjes,
Zijn de zoete minneklipjes,
Als ik hoorde spreken dat zoete lam,
Mij dacht dat ik in den hemel kwam, enz
s7ant haar minnelijke taal,
la gelijk de nachtegaal.
Als ik zag haar roode wangen.
Die deden mij zeer verlangen,
Kn haar oogjes bruin als git.
En hanr tandjes leliewit;
Hare zoete stem en fale.
Klinkt gelijk de nachtegale^
Als ik haar zoete stem vernam.
Mij dacht dat ik in den hemel, enz.
Want haar beminnelijke zang.
Houdt miju hartje in bedwang.
4