Boekgegevens
Titel: De lustige jager, zingende vele vrolijke liederen, voor alle lieve meisjes, die met hem ter jagt willen gaan
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Amsterdam: bij G. van der Linden, ca. 1820 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 2497 F 34
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200015
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Liederen (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De lustige jager, zingende vele vrolijke liederen, voor alle lieve meisjes, die met hem ter jagt willen gaan
Vorige scan Volgende scanScanned page
? De'lustige Jager. 29>
Moet gij gindsche bergen op?
Dwars door netelstruiken,
Staroogs op den steilen top,
't Kruidje staat in vollen knop,
Op den kruin te ontluiken
Loeit met aklig schrikgeluid,
De afgrond ginds n tegen,
Als zijn kaak zich opensluit.
Tilt het kruid zijn hoofdje uit,
En het wasemt zegen.
Wien dan 't gif in de ad'ren sloop,
Laat hem 't kruidje rieken.
Zoekt hij 't waar zijn voetpad loop,
't Is het bloempje van de hoop,
'Pluk het, arme zieken!
't Is dat bloempje rein van fleur,
Argloos in bekoren,
't Is dat bloempje zoet van geur,
Groen en onvernist van kleur,
Zonder valschen doren.
Neemt en tast en riekt het vrij.
Kweekt het aan den boezem:
't Opent zich, hoe guur het zij,
En versiert het bar getij.
Met verjongden bloesem.
't Wordt een groenend schaduwdak,
Als de orkanen loeijen.
En verdort een enkle tak.
Dien de storm in 't woeden brak,
Duizend andre bloeijen.
Blakere ook den bliksembrand,
Bloemgewas en loover.
Sla hij onzeu oogst in 't zand,