Boekgegevens
Titel: De lustige jager, zingende vele vrolijke liederen, voor alle lieve meisjes, die met hem ter jagt willen gaan
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Amsterdam: bij G. van der Linden, ca. 1820 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 2497 F 34
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200015
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Liederen (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De lustige jager, zingende vele vrolijke liederen, voor alle lieve meisjes, die met hem ter jagt willen gaan
Vorige scan Volgende scanScanned page
De lustige Jager. . 22
Ja, ja, 't is bier in lang niet pluis,
Riep Bonapart vol zuchten,
'k i» üu dat ik maar terstond naar huia
Met heel die boel kon vlugten.
Ik ben haast van verstand beroofd,
Zoo vliegt de mostaard mij in 't hoofd
Ja in mijn hoofd, bis.
Kom pak je 'biezen, eer mijn hoofd,
^'og als een stokvisch';,wordt gekloofd,
Ja wordt gekloofd, bis.
I^al dacht ik wel, riep vriend Kozak,
Gij moet het nooit vergeten,
^\'oudt gij zoo maar op jou gemak,
Hier Noordsche stokvisch eten?
O neen! is niet de bon die coup,
Zuip gij maar Jiever Fransche soep,
Ja Fransche soep. bis
Ga naar Parijs, zuip Fransche soep,
Jou maag die deugd niet voor die coup
Niet voor die coup. bis.
Oe Pijp.
■ Wijze: Conire Ie chagrin de la vie.
Mijn pijpje is mijn lust en leven,
'k laat zelfs een oorlam daarvoor staan
Maar wilt gij mij een kusje geven.
Dan steek ik rtijn tabak niei aan;
Maar zoek ik vruchteloos aan te klampen
En geeft gij nrjij terstond den zak,
Ik zal dan mijn hartverdriet verdampen,
Bij 't rooken van een pijp tabak,
'k Zal die twist en onrust stoken,
Kooit laten stoppen uit mijn doos,