Boekgegevens
Titel: De lustige jager, zingende vele vrolijke liederen, voor alle lieve meisjes, die met hem ter jagt willen gaan
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Amsterdam: bij G. van der Linden, ca. 1820 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 2497 F 34
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200015
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Liederen (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De lustige jager, zingende vele vrolijke liederen, voor alle lieve meisjes, die met hem ter jagt willen gaan
Vorige scan Volgende scanScanned page
§ "De lustige Jager.
Mijn rijkdom is een vrolijk hart,
Mijn kroon een bloemenkrans.
Ik ben als moeder Eva was,
V\at ijdel, ligt van zin;
jNieuwsgierig ja nieuwsgierigheid,
Gij zijt het die ik min.
Ik vlied ook voor de mannen niet,
Mama heeft mij verklaard:
Wij arme meisjes zijn alleen,
Voor hunnen wil op aard.
Daarom sluipt in mijn vrolijk hart
Geen zotte trotschheid in,
Heil mij! dat ik een meisje ben.
Gezond van ziel en zin.
De Keuze van een Meisje.
Wijze: De wereld is in rep en roer.
Mijn dochtertje mijn lieve meld!
Het wordt zoo langzaam nu reeds tijd.
Dat we eens van het huwlijk spreken;
Kom zeg, voor moeder niet beschaamd,
Wien ge u tot vrijer hebt beraamd,
Gij hebt genoeg bekeken.
Een koopmao met een groot kantoor
Uie zit in 't geld tot aan zijn oor.
Kan die u niet behagen?'
Ach neen, mijn lieve moeder! neen,
'k Word niet bekoord door 't geld alleen
'k Zou zulk een lot niet dragen.