Boekgegevens
Titel: De lustige jager, zingende vele vrolijke liederen, voor alle lieve meisjes, die met hem ter jagt willen gaan
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Amsterdam: bij G. van der Linden, ca. 1820 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 2497 F 34
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200015
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Liederen (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De lustige jager, zingende vele vrolijke liederen, voor alle lieve meisjes, die met hem ter jagt willen gaan
Vorige scan Volgende scanScanned page
De luttigc Jager. 11
Voerman! gij kunt voorwaarts rijden,
Ons zal niets dan vreugde beiden,
In deez' vriendenkring. bis.
Langzaam moog de dag nu glijden.
Ieder zal zich regt verblijden,
In deez' vriendenkring. bis.
üe orde van den dag.
Wijze: Aan alle meisjes van de stad.
De wereld is in rep en roer,
Des morgens komt de melkboer,
Dan komt ook weer de bakker; bis.
Dan komt sinjeur de karreman,
Die zoo verrukk'lijk raat'Ien kan,
Hij ratelt mij schier wakker, bis.
Dan schelt Jacobus met de krant,
En meldt het nieuws van 't vaderland,
Dan komt de pruikenjongen; bis.
Dan weer diaken met de bos,
Zijn jongen schreeuwt gelijk eau mos.
Dan weer de vrouw met tongen, bis.
Dan belt er weer een and're vent,
Die zegt: ik maak mijnheer bekend,
En aan de vrienden allen: bis.
Dat buurvrouw Griet van Jan Patroon,
Verlost is van een boerenboon.
En in de kraam bevallen, bis.
Dat jok je, kerel! zei katrijn,
't Zal zekerlijk een zoontje zijn.
Wie krijgt er boerenboonen? bis.