Boekgegevens
Titel: De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Auteur: Bos, P.R.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 200 E 3 (atlas)
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200007
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: (sociale) geografie: algemeen
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De globe: aardrijkskundig schetsboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
92
gebergten zeer scherp is gescheiden, Hgt open naar den kant van de Zwarte
zee en naar de steppen ten noorden daarvan. Naar het noorden is dit
Donauland zonder bescherming; want het Zevenburgsche bergland eindigt
40 GM. van de kust, en 'tgebied van Seret en Proet is door slechts lage
heuvels omgeven. De mondingsgebieden zijn even vlak als de Pontische
steppen, waarmee ze samensmelten en welker natuur zij deelen. Daar alzoo
ook de producten der Beneden-Donaulanden vrüwel overeenkomen met die
der overige Pontuslanden in 't noorden, was de handel in deze richting nooit
van groot belang. Des te belangrijker was evenwel het vijandelijke verkeer. Het
vruchtbaarste gedeelte van de Beneden-Donaulaagvlakte kwam den volken
van Scythie of Rusland evenzoo als een beloofd land voor, als het schoone
lx)mbardije den Germaanschen volken. Vrij en ongehinderd drongen alle rui-
tervolken en barbaarsche nomaden, die van den Kaukasus of den Oeral kwamen
en langs de Zwarte zee trokken, hier het Donaugebied binnen en namen er
meestal bezit van tot aan de eerste watervallen. Zoo de oude Daciërs en
Geten, later de Goten en vele andere volken gedurende de volksverhuizing;
zoo de Hunnen, de Avaren, de Boelgaren, de Koemanen, de Mongolen,
de Turken en de Tataren. In den laatsten Oosterschen oorlog zijn door
deze steppenpoort tusschen Zevenburgen en den Pontus de Russen binnen-
gedrongen. Ieder volk, dat langs de noordkust van den Pontus Europa
binnentrok, nam vóór alles bezit van het Beneden-Donauland. In 't zuiden
wordt dit gebied door den hoogen muur van den Balkan of Haemus
omgeven, die het van Thracië scheidt. De Balkan wordt door verscheiden
passen doorsneden, waarvan in het westen de beroemde Porta Trajana,
in het oosten de pas 'Nadir-Derbent en zijne bijpassen bij Varna en Sjoemla
de belangrijkste zijn. Door deze passen gaan handelswegen van Konstanti-
nopel naar het Beneden-Donaugebied, waarlangs Oostersche waren aange-
voerd en producten van de Donaulanden uitgevoerd worden. De belang-
rijkste weg uit de Beneden-Donaustreken gaat niet ver van- de kust over
Varna en Sjoemla. Ook was dit een zeer gebruikelijke weg naar het noorden
voor legers; Grieken, Romeinen en Turken trokken er langs naar de
Donau, en de Barbaren uit het noorden, de Gothen, de Boelgaren, later
de Hongaren en Russen, betraden dezen weg dikwijls en leverden er veldslagen.
Voor de Donaumonden strekt zich de Zwarte zee uit, welker lengteas
dezelfde richting heeft als de Donau, en welker oosthoek bij den Phasis
(Rion) diep in Azië binnendringt. Langs den handelsweg, dien de Zwarte
zee in deze richting aanbiedt, komt de Donau in verbinding met de han-
delswegen, die van 't land van het gouden vlies en van Trapezunt uit
zich naar Euphraat en Tigris, en naar den Koer, Georgië en de Kaspische
zee uitstrekken en de noordelijke takken van den grooten Indischen
handelsweg vormen. Er is een tijd geweest, waarin de Venetianen eene
levendige vrachtvaart tusschen de Donaumondingen en het oostelijk gedeelte
der Zwarte zee dreven, terwijl de Duitschers (Regensburgers, Weeners
enz.) de Indische waren van de Donau af verder verzonden.
Het is voor de Donau zeer jammer, dat zij in eene zoo kleine en