Boekgegevens
Titel: Bloemlezing uit Nederlandsche dichtwerken
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 2: 2
Auteur: Eilers Koch, Johan Rudolph; Eilers, Johan Rudolf
Uitgave: Leiden: D. Du Mortier en zoon, 1847 *
Maatschappij tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1198 D 2
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200004
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: 18XX, Bloemlezingen (vorm), Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bloemlezing uit Nederlandsche dichtwerken
Vorige scan Volgende scanScanned page
DlUK RAFELSZ. CAMPHUYSEN. i'5
En nocli troost, noch rust kan vijnen
Voor men dat of immer iet
Diesgehjks in plaatse ziet
Hart is 't roer van 's menschen daden,
Daar mag geen ding stuurman zijn,
Met v^at inzigt 't zij of schijn.
Dan begeert' om zich te ontkwaden
En door goddelijke deugd
In te gaan in Godes vreugd.
Die begeert' moet bovendrijven.
Daar moet 't hart mee zijn doorzult
't Ander wordt somtijds geduld,
Maar en mag er niet verblijven.
Een is noodig: Ee'n alleen
Moet in 't hoog, de rest beneen
Juiste schalen wegen effen.
Vaste voet schrikt nooit van 't pad.
't Wijze hart weet Hoe en Wat.
Zalig, die de maat kan treffen,
En de Pop, daar hij mee speelt.
Maakt tot een leerachtig beeld!
(-') Vinden. (-») De voorbeelden, door den wijzen dichter bijgebragt,
om aan te toonen, waarvoor men zich te wachten heeft, als men in zijne
liefhebberij of vermaak niet wil uitspatten, ga men niet onopmerkzaam
voorbij j zij leiden ons op tot eene verstandige zelfbeheersching en tot de
kunst om maat tc houden; men herleze dan dit versen de vier voorafgaan-
de, alsmede aanmerking 7, die gedeeltelijk ook hiervan toepassing zijn.
Verbeteren, Doortrokken. Voor eene poos. (5®) Toespeling op
Luk. X : 42. i^^)Leerzaam. De drie laatste coupletten van dit dichtstukje
zijn zeer treffend; zij zijn kernvol en spreukrijk en vol van echt Chris-
telijke denkbeelden, eenen dichter als camphuysen waardig; heilallen,
(lie zijne wijze en godvruchtige wenken volgen !