Boekgegevens
Titel: Bloemlezing uit Nederlandsche dichtwerken
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 2: 2
Auteur: Eilers Koch, Johan Rudolph; Eilers, Johan Rudolf
Uitgave: Leiden: D. Du Mortier en zoon, 1847 *
Maatschappij tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1198 D 2
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200004
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: 18XX, Bloemlezingen (vorm), Gedichten (teksten)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Bloemlezing uit Nederlandsche dichtwerken
Vorige scan Volgende scanScanned page
144 ONNO ZWIER VAT>i HAREN.
Hij scheen nog meer te willen spreken -,
Maar 't oog, gezwollen, toont een' vloed
Van vocht, gereed om door te breken,
In weerwil van zijn' taaijen moed.
Doch ROZEMOND durft vrijlijk storten
Die tranen, welke ons leed verkorten:
Een kus scheidt haar en haren man;
Een teedre kus, die op de lippen
Hun beider zielen zaam doet glippen
En echtemin maar geven kan
Wijl tweedragt, uit de hel ontsloten,
Gansch Nederland in onrust zet,
En 't menschenbloed, alom vergoten,
Rivieren, kust en dampkring smet.
Vult zachte vreê de deugdbelooning,
o Rozemond! uw hart en woning,
In beide is alles even rein!
Geen driften gaan in 't harte zweven,
Geen weelde stoort de rust van 't leven ,
Het zedig huis is net en klein
Drie kindren, zoete en waarde panden,
Gewenschte vruchten van haar trouw,
Vernaauwen nog de .teedre banden,
Zoo heilig bij de kuische vrouw!
De grootste zoon, nu zeven jaren.
Spreekt reeds van over zee te varen.
Het meisje speelt aan moeders schoot-.
De meerdre gunst schijnt haar.te spijten.
Wanneer de moeder, onder 't krijten
Van 't zuigend wicht, de borst ontbloot
Fraai komt hier het teeder gevoel van den dapperen zeeman
uit, terwijl het afscheid van beide echtgenooten roerend en aandoen-
lijk geschilderd is. Echtemin is hier huwelijksmin. De tegenstel-
ling van het beroerde Nederland, met de stille woning en het kalme
hart van rozemond, wordt in dit couplet uitstekend schoon uitgevoerd.
Dit couplet en de volgende bevatten, naar ons oordeel, niet het