Boekgegevens
Titel: Nederlandsche volksoverleveringen en godenleer
Auteur: Bergh, Laurens Philippe Charles van den
Uitgave: Utrecht: Johannes Altheer, 1836
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1197 C 36
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200001
Onderwerp: Sociologie: folklore, volkskunde: algemeen
Trefwoord: Volksverhalen (teksten), Mythologie, Nederland
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche volksoverleveringen en godenleer
Vorige scan Volgende scanScanned page
B A T O.
Iii liet westelijke Germanie aan de Eder, woonde
oudtijds de volksstam der Katten, van Koningen
geregeerd. Een derzelven had eenen zoon, genaamd
Bato. Men verhaalt, dat deze laatste in gedurige
onmin met zijne stiefmoeder levende, welke hem
onophoudelijk belaagde en zelfs naar 't leven stond,
en bevreesd, dat zij hem te eenigen tijd met ver-
gif uit den weg zou ruimen, met toestemming
zijns vaders, besloot zijn land te verlaten en daar-
toe een deel van adel en volk medetenemen.
Niets was dezen meer welkom. Bij allen, om
zijne groote gestalte, uitstekende hoedanigheden en
roemrijke daden bemind, volgde hem eene talrijke
schaar, zoo mannen als vrouwen. In de tweede
maand na zijn vertrek kwamen zij ter plaatse,
waar de Rhijn zich in tweeën scheidt. Zij staken
over en Bato vaardigde daarop gezanten af tot
zijnen schoonvader Menapius, koning der Tonge-
ren , wiens dochter Richeldine hij gehuwd had ,