Boekgegevens
Titel: Nederlandsche volksoverleveringen en godenleer
Auteur: Bergh, Laurens Philippe Charles van den
Uitgave: Utrecht: Johannes Altheer, 1836
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1197 C 36
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200001
Onderwerp: Sociologie: folklore, volkskunde: algemeen
Trefwoord: Volksverhalen (teksten), Mythologie, Nederland
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche volksoverleveringen en godenleer
Vorige scan Volgende scanScanned page
zaam elders dan op zulke bewoonde plaatsen gevon-
den , en vooral schijnt de tempeldienst op de ei-
landen gebloeid te hebben , gelijk op diegenen aan
de Friesche kusten, op de Zeeuwsche, inzonder-
heid op Walcheren, en waarschijnlijk op eenige
eilanden in de rivieren. Later zijn op deze plaat-
sen veelal kloostei-s gesticht, en de daarbij zich
bevindende bronnen aan Heiligen toegewijd en tot
doopen gebruikt (1).
Wanneer men de redenen navorscht, waarom
juist de tempeldienst met de meeste pracht op
deze eilanden gebloeid heeft, laten zich daai'van de
volgende verklaringen geven. IMen weet, dat bij
verscheidene volksstammen, inzonderheid bij de
Kelten, de Druïden hunne voornaamste zetels op
eilanden hadden , zoo als aan de Fransche en En-
gelsche kusten en op de meiren van Schotland,
en dat aan dezelven en aan de zeeën, die hen
omgaven, beduidende mythen verknocht wai-en.
Lagen deze eilanden in een meer, waarin van twee
kanten eene livier stroomde, zoo meende men,
dat deze vloed zich onvermengd, midden door het
meei'water eenen weg baande, gelijk de Rhijn door
de Bodenzee en door het Fliemeer. Dit alles had
zoo men wil, eenen mystischen grond. De Druïden-
zetels op eilanden, waren afbeeldsels van het groote
vvereldschip, en het eiland op zichzelf was het
(i) Mon», Th. II. S. 90 & io6.