Boekgegevens
Titel: Nederlandsche volksoverleveringen en godenleer
Auteur: Bergh, Laurens Philippe Charles van den
Uitgave: Utrecht: Johannes Altheer, 1836
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1197 C 36
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200001
Onderwerp: Sociologie: folklore, volkskunde: algemeen
Trefwoord: Volksverhalen (teksten), Mythologie, Nederland
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche volksoverleveringen en godenleer
Vorige scan Volgende scanScanned page
162
aanduiding van het verledene in zich bevat , het-
geen mij in het elders voorgestaan vermoeden ver-
sterkt , dat de gelijkvloeijende werkwoorden, die
ook alleen in het Perzisch voorkomen , niet nieu-
wer dan de ongelijkvloeijende zijn.
Doch dit daargelaten; wanneer wij dan waarne-
men , dat bij alle Duitsche volkeren onder het hei-
dom , het stafrijm in zwang ging en inzonderheid
aan de gewijde poëzij , waartoe de wetten als heilig,
gelijk wij gezien hebben, behoorden , geëigend was,
dat het in den aard der taal ligt en geene blijken
van vi'eemde afkomst vertoont, integendeel bij de
verschijning der vreemde Christenpredikers allengs
uitgestorven is, moeten wij dan van zelf niet tot
den Duitschen oorsjirong besluiten ?
Wij hebben bij dit onderwerp eenigzins langer
stil gestaan , daar het nog zeer veronachtzaamd en
echter hoogst belangrijk voor oudheid- en taalkunde
is, doch de zaak verdient wel eens afzondei'lijk
onderzocht en volledig opgehelderd te worden.
Hiermede stappen wij van de Friesche godenleer
af, ten einde niet te herhalen, hetgeen Westendorp
reeds vroeger in zijne belangrijke Verhandeling over
de Noordsche Mythologie ontwikkeld heeft. Wij
meenen over sommige punten, welke door dien
oudheidkenner korter behandeld zijn , eenig nieuw
licht verspreid te hebben. Veel echter blijft nog
voor volgende onderzoekers ter nasporing over, die
wij hopen dat zich de beoefening der inlandsche
mythologie eindelijk eens zullen aantrekken.