Boekgegevens
Titel: Nederlandsche volksoverleveringen en godenleer
Auteur: Bergh, Laurens Philippe Charles van den
Uitgave: Utrecht: Johannes Altheer, 1836
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1197 C 36
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200001
Onderwerp: Sociologie: folklore, volkskunde: algemeen
Trefwoord: Volksverhalen (teksten), Mythologie, Nederland
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche volksoverleveringen en godenleer
Vorige scan Volgende scanScanned page
137
ron, de tweeden van Odilbald 1), Daarentegen
noemen de Engelsche geschiedschrijvers slechts éénen
Heugist en Horsa, zonen van den Saxischen veld-
heer Witigisil 2), maar waar deze gehecrscht heeft,
vindt men niet opgeteekend. Intusschen komt het
ons waarschijnlijker voor, dat genoemde opperhoof-
den Saxers geweesd zijn, dewijl zij anders gewis-
selijk den Frieschen naam in Engeland zouden ge-
handhaafd hebben 3). Het is waar, de instelling
der rieptarchie heeft vele overeenkomst met de
verdeeling van Friesland in zeven zeelanden, doch
dezen strekten zich ook veel verder uit dan het te-
genwoordige Friesland ; een gedeelte van Saxen werd
mede daartoe gerekend 4), en beide inrigtingen
schijnen op een heilig gebruik te zien.
Het verdient insgelijks opmerking , dat Wodan ,
voor het overige geen volksgod der Friezen, door
Hengist en zijnen aanhang te Dokkumburg vereerd
werd en dat deze Wodan juist een hoofdgod der
Angelsaxen was 5). Hieruit laat^ zich dus opma-
ken, dat beide krijgsl/oofden van vreemden stam
wai^en, maar echter in naauwe betrekking tot de
Friezen stonden, en misschien ook door huwelij-
voorrcde voor Rask'a Friesche Spraakleer ^ bi. 19. Verg.
aaumerk. 5 vau de volg. bladz.
1) F. Sjoerd , Friesche Jaarboeken i D. I. bl. 270.
2) Beda, Hist.EccLl^, I. C. i5.
5) Zij noemden zicb overal Saxen j v^ju daar Sussex , Es-
sex, Wesscx. Zie Rapin , Vol. I, pag, 112.
4) Zie Hamconii, Frisia y p. I ct 2.
5) Idem, pag. 76^. Verg. Moue, Xh. II. S. iiö.