Boekgegevens
Titel: Nederlandsche volksoverleveringen en godenleer
Auteur: Bergh, Laurens Philippe Charles van den
Uitgave: Utrecht: Johannes Altheer, 1836
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1197 C 36
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200001
Onderwerp: Sociologie: folklore, volkskunde: algemeen
Trefwoord: Volksverhalen (teksten), Mythologie, Nederland
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederlandsche volksoverleveringen en godenleer
Vorige scan Volgende scanScanned page
126
floor de Romeinen beschreven, schijnen dit eenig-
zins te bevestigen. De rijksverdeeling door Friso
verschilde niet sterk van die der overige Germa-
nen, door de Romeinen vermeld. De bibliotheek
te Stavoren is eene ongepaste uitdrukking der kro-
nijken; verstaat men daaronder, 't geen ik in de
sage opgegeven heb, is de zaak niet ongerijmd.
Tacitus beschrijft de Germaansche heldenzangen,
ook de Christenprediker Ludger hoorde ze nog in
Friesland 1). Geslachtregisters, heilige zangen, ora-
kels en dergelijken vindt men in de tempels der
meeste oude volkeren, doorgaans trotsch op hunne
afkomst. Fabelachtig is de opgaaf der Friesche ge-
leerden onder het heidendom, bij Suffridus Petri,
en der Friesche beschaafdheid bij Hamconius, maar
met oordeel gebruikt, bevatten beiden veel wetens-
waardigs.
Wanneer wij nu het verhandelde overwegen, ko-
men wij tot het besluit, dat de overlevering van der
Friezen afkomst oorspronkelijk en uit de eerste tijden
is, maar later opgesierd en naar de begrippen der
ontluikende geleei-dheid hei-vonnd. Dat zij in hare
i) Gertnania C. 2 et 3. alwaar men Ihands meestal Bar-
ritum leest, hoewel verscheidene goede Codices Barditum
hebben. De berigten der ouden omtrent deze liederen zijn
verzameld door Pelloutier, Hist, des Celtes, L II. Ch. g.
Ook. de H. Ludger hoorde ze nog. Allfridi, Vita S. Ludg.
L. II. C. 1. D Pervenit sanctus ad villam. Helewyrd, ibique
» ei oblatus est caecus vocabulo Bernlef, qui a vicinis suis
» valde diligebatur, eo quod esset affabilis et antiquorum
» actus Regumque certamina bene noverat psallendo pro-